Van vakantie naar school

M’n eerste post op een nieuw blog! Hallo allemaal! Op dit blog wil ik graag reisverhalen bij gaan houden. Zo houd ik u op de hoogte en mezelf aan het schrijven. Zie voor uitgebreidere uitleg de teksten onder de kopjes bovenaan de pagina.

Ik begin vandaag klein, met een vakantie van een uur. Nu denkt u misschien, wat een valsspeler, hoe kan een klein fietsrondje nou blogmateriaal zijn? Ook denkt u misschien, is dit wat er van de wereld geworden is? Hebben onze voorvaderen dit land veroverd van het water en beschermd tegen talloze invasies van alles en iedereen om ons heen, alleen maar zodat ik vandaag een verhaaltje over een fietstocht kan lezen? Tja, wat kan ik zeggen. Sorry.

De vakantie van een uur in kwestie is mijn fietstocht van huis naar school. Mooier dan dat kan het niet klinken. Toen ik nog op de VU zat, fietste ik naar het station en terug, en dat was het wel. Kwartiertje, niks boeiends. En nu fiets ik eigenlijk ook naar het station. En, om een vertaalde versie van een bekende Disneyheld te quoten, daar voorbij!

Helloooooww Leiden! Oh, wacht...

Helloooooww Leiden! Oh, wacht…

Bye bye Den Haag!

Bye bye Den Haag!

Vlak achter het station begint de natuur eigenlijk al. Er is een groot park (tenminste, zo lijkt het vanaf het fietspad) dat ‘s ochtends een feest voor de geest is. Eigenlijk zal het dat altijd wel zijn, want Den Haag is me toch te druk en te grijs. Sommige mensen vinden dat heerlijk, onzichtbaar zijn in de massa, alles dichtbij, maar ik niet. Als ik mensen zie, wil ik ze niet half hoeven negeren, à la The City and The City (of 1984, soort van). En er zijn te veel mensen om niet te negeren, dus daar ga je al. Hup, de paradox in. Waarom ik groen verkies boven grijs, kan ik nog niet helemaal onder woorden brengen, maar dit is ook pas de eerste post.

Hier kom ik vijftien keer per dag langs. De helft van de tijd zonder dat ik het weet.

Hier kom ik vijftien keer per dag langs. De helft van de tijd zonder dat ik het weet.

Na het park komen een aantal afslagen. Linksaf, rechtsaf, weg volgen tot je niet verder kan. Dat is dus, zoals u zult begrijpen, waar het lastig wordt. Ik volg daar de N14 en de N44, asfalt zo ver het oog reikt (als je niet verder dan tien meter kan kijken, maar laten we dat aannemen zodat de hyperbool werkt). Hier deden onze voorvaderen het ongetwijfeld voor. Ik mocht er trouwens niet eens van profiteren, want naast dat asfalt ligt een stapel roze klinkers voor mij. En daarnaast (weggehouden van de weg door beklimopte geluidswallen) hordes villa’s. Wel een mooi uitzicht, voor zover ik ze achter hun hekken en bomen kon zien. Die mensen zullen er ook wel mee aan zijn, al die nieuwsgierige plebs die over hun toch eigenlijk wel heel normaal geproportioneerde woningen kwijlen.

Wanneer de N44 eindelijk het fietspad verlaat moet ik nog door een haag van hoge bomen en meer villa’s, maar daarna ben ik echt in de natuur zoals ik die ken. Landbouw. En plotseling weet ik hoe relaxt de mensachtigen waar we van afstammen geweest moeten zijn in hun overzichtelijke Zuid-Afrikaanse Veld. Dat is misschien wel wat ik mis in de stad. Overzicht.

Het Veld.

Het Veld.

Het grootste gedeelte van de fietstocht bestaat hieruit. Velden met hoogspanningsmasten, hier en daar een paard, steden in de verte en groene slootjes in de nabijte. Dat wordt alleen in het midden even onderbroken door het spoor, waar ik onderdoor moet. Vanaf dan volg ik het spoor in de ruime zin van het woord. Af en toe zie ik de bovenleidingen, en dan ben ik er plotseling weer vlak naast.

Via het spoor kom ik in Voorschoten en dan bij De Vink (wat een station is, maar geen plaats). Leuk feitje: op De Vink liggen de sporen naar Den Haag in Leiden en de sporen naar Leiden in Voorschoten. Zo, heeft u ook nog wat geleerd. Voorschoten is via De Vink aan Leiden vastgegroeid, dus bij de tennisbaan in Voorschoten kom ik weer in de stad. Weer op zoek naar een grote weg, die ik dan volg totdat hij verandert in de Vijf Meilaan. Daarna kom ik alweer in de buurt van de binnenstad van Leiden. Ik moet even een slootje over, nog een keer het spoor, en dan ben ik bij de universiteit. Mijn vakantie zit er weer op, ik ben weer in de stad, het leven begint weer.

En het had zo kunnen zijn dat deze route niet eens bestond. Ruim de helft van de weg had onder water kunnen staan, en de andere helft had een taal kunnen spreken die ik amper beheers. Of Spaans, en dan was ik helemáál het zaadje geweest. Maar het land is er, met leuke dorpjes en prachtige natuurgebieden. Ik mag dan Den Haag niet zo enerverend vinden, maar de omgeving bestaat ook nog. Dus voorvaderen, bedankt! (En nogmaals sorry.)

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s